Mythen rondom hoogbegaafdheid
Wanneer een fenomeen of gebeurtenis duidelijk afwijkt van wat gangbaar is, wil er rondom dat fenomeen nog wel eens een mythe ontstaan. Zo bestaan er ook rondom het fenomeen hoogbegaafdheid enkele mythen.
Wonderkinderen
Velen denken dat kinderen die hoogbegaafd zijn een soort ‘wonderkind’ zouden zijn; alles lukt hen, ze halen enkel tienen op school en ze kennen geen problemen. Hoogbegaafden worden direct op één lijn gezet met geniale mensen, zoals de inderdaad geniale uitvinder Albert Einstein. Men denkt ook wel dat hoogbegaafden hun (soms uitmuntende) prestaties leveren zonder inspanning – alsof alles ze gemakkelijk af zou gaan.
Soms geloven hoogbegaafden deze mythe, dat hoogbegaafden alles met het grootste gemak voor elkaar zouden kunnen krijgen. Omdat zij bij zichzelf constateren dat hun prestaties wel dégelijk de nodige inspanningen vergen, concluderen ze soms ten onrechte dat er bij hen dús geen sprake kan zijn van hoogbegaafdheid. Dit noemt men wel het ‘Bedrieger Syndroom’.
In het verlengde doet er ook een andere mythe de ronde: als hoogbegaafden niet goed presteren, of niet graag naar school gaan, zijn ze niet hoogbegaafd.
Er zijn meer mythes. Zo zijn er mensen die denken dat hoogbegaafdheid óf enkel een kwestie van genen is; hoogbegaafdheid is aangeboren. Dat is een mythe. Net zo goed is ook het idee dat hoogbegaafdheid enkel een kwestie zou zijn van de invloed van de omgeving – hoogbegaafdheid is aangeleerd – een mythe.
Risicogroep
Zoals we echter bij 5. Nadelen van hoogbegaafdheid hebben gezien, gaat het leven van een hoogbegaafd persoon helemaal niet per definitie over rozen. Hoogbegaafden zijn juist een risicogroep, waarvoor studeren en werken door de in 5. Nadelen van hoogbegaafdheid genoemde nadelen extra moeilijk kan zijn. Niet voor niets is onderpresteren een veelgehoord probleem in het kader van onderwijs en hoogbegaafdheid. Veel hoogbegaafden die geen andere hoogbegaafden in hun omgeving hebben, zijn sociaal geïsoleerd en ongelukkig. Dat een hoogbegaafde per definitie blakend van psychologische gezondheid zou zijn, is dus een mythe.
Als de begeleiding en stimulatie niet in orde is, kan een hoogbegaafd persoon elke motivatie verliezen (motivatieverlamming), waardoor zijn talent verloren gaat.
