ADHD: diagnose stellen
Er wordt wel gezegd dat ADHD een modeziekte is; zodra iemand zich druk gedraagt of snel is afgeleid, dicht men die persoon ADHD toe. Om erachter te komen of een kind ADHD heeft, vindt meestal een gesprek plaats met de ouders en het kind. Er zijn ook diverse bruikbare vragenlijsten of testen – onder andere op internet – waaruit blijkt in hoeverre iemand typische ADHD-symptomen vertoont. Wil je met zekerheid kunnen vaststellen of er sprake is van ADHD, dan is medische en psychosociale deskundigheid een vereiste.
Aandachtspunten bij de ADHD diagnose
Bij het stellen van de diagnose let men over het algemeen op een aantal zaken. Hieronder staan deze zaken opgesomd.
- De verschijnselen moeten op school, in het gezin en daarbuiten voorkomen. Daarom is een gesprek met zowel de ouders als de school een vereiste.
- De informatie moet volgens een bepaalde methode en systematisch worden verzameld.
- Een probleem komt niet alleen. Ook ADHD niet. Daarom moet een kind ook op andere psychische stoornissen worden onderzocht.
- Er mag geen sprake zijn van lichamelijke oorzaken.
- Tot slot wordt gekeken hoe ernstig de verschijnselen zijn, wat de gevolgen voor kind en gezin zijn en hoe lang het al aan de gang is.
Criteria diagnose ADHD
Twee Amerikaanse ADHD-deskundigen, Dr. Edward M. Hallowell en Dr. John J. Ratey, hebben een lijst samengesteld met criteria die gebruikt kunnen worden om de diagnose ADHD te stellen. De lijst is gebaseerd op grootschalige klinische ervaringen. Tenminste twaalf van deze punten moeten een blijvend probleem zijn.
- Steeds het gevoel hebben: “Het lukt me niet.”
- Problemen met organiseren van dagelijkse dingen
- Ergens niet aan kunnen beginnen / iets niet kunnen afmaken
- Uitstelgedrag
- Een ‘flapuit’ zijn
- Blijvend zoeken naar sterke prikkels
- Snel verveeld
- Concentratieproblemen
- Creatief en hoogbegaafd
- Problemen met de geijkte paden (weinig uitdaging)
- Ongeduldig en snel geïrriteerd
- Impulsief
- Eindeloos piekeren
- Continu het gevoel dat er iets ergs gaat gebeuren
- Stemmingswisselingen en depressies
- Rusteloosheid
- Gevoelig voor verslavingen
- Chronische problemen met gevoel van eigenwaarde
- Onnauwkeurige zelfwaarneming: niet kunnen inschatten hoe ze op anderen overkomen.
- Een familiegeschiedenis waarin ADHD, depressiviteit, drugs- of alcoholverslaving, dwangmatige handelingen of stemmingswisselingen voorkomen.
Geschreven door Wilfred Hermans
